Béifchen

Lëtzebuergesch
English
boy [lad]; boy [son]
Français
garçon [enfant]; fils
Deutsch
Junge [Kind]; Sohn
Woordsoort
SUBST M
Meervoud
Béiwercher

Uitspraak (IPA)

[bˈɜɪfɕən]

Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • Béifchen
  • Béiwercher

→