Bomi

Lëtzebuergesch
English
granny
Français
mamie
Deutsch
Oma [Großmutter]
Woordsoort
SUBST F
Meervoud
Bomien

Uitspraak (IPA)

[bˈoːmiː]

Betekenissen en vertalingen

Betekenis 1

Betekenis 2

spreektaal

Deutsch
Oma (ältere Frau, alte Frau)
Français
mamie (femme âgée, vieille femme)
English
grandma (old woman)
Português
velha; velhota
Nederlands
oma; oude(re) vrouw

Synoniemen

Bom

Gebruiksnotities

Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • Bomi
  • Bomien

Voorbeeldzinnen

  1. op der Terrass souzen e puer Bomien zesummen, eng Taass Kaffi ze drénken

    spreektaal

    Betekenis 2: oma; oude(re) vrouw

Bron: ZLS / LOD · juli 2026 · CC0

→