incapabel

Lëtzebuergesch
English
to be incapable of; incompetent
Français
être incapable de; incapable
Deutsch
unfähig sein zu; unfähig
Woordsoort
ADJ
Synoniem
inkompetent; onfäeg; onfäeg sinn ze

Uitspraak (IPA)

[ɛ̃ːkɑpˈaːbəl]

Betekenissen en vertalingen

Betekenis 1

Deutsch
unfähig sein zu
Français
être incapable de
English
to be incapable of
Português
ser incapaz de
Nederlands
niet in staat zijn (om)

Synoniemen

onfäeg sinn ze

Betekenis 2

Deutsch
unfähig (inkompetent)
Français
incapable (incompétent)
English
incompetent
Português
incapaz (incompetente)
Nederlands
onbekwaam; incompetent

Synoniemen

inkompetent · onfäeg

Gebruiksnotities

Bijvoeglijke naamwoordsvormen

Bijvoeglijke naamwoordsvormen →
Bijvoeglijke naamwoordsvormenLëtzebuergesch
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Nominatiefincapabelen
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Accusatiefincapabelen
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Datiefincapabelen
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Genitiefincapabelen
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Nominatiefincapabel
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Accusatiefincapabel
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Datiefincapabeler
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Genitiefincapabeler
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Nominatiefincapabelt
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Accusatiefincapabelt
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Datiefincapabelen
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Genitiefincapabelen
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Nominatiefincapabel
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Accusatiefincapabel
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Datiefincapabelen
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Genitiefincapabeler
Overtreffende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Nominatiefincapabelsten
Overtreffende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Accusatiefincapabelsten
Overtreffende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Datiefincapabelsten
Overtreffende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Genitiefincapabelsten
Overtreffende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Nominatiefincapabelst
Overtreffende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Accusatiefincapabelst
Overtreffende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Datiefincapabelster
Overtreffende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Genitiefincapabelster
Overtreffende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Nominatiefincapabelst
Overtreffende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Accusatiefincapabelst
Overtreffende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Datiefincapabelsten
Overtreffende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Genitiefincapabelsten
Overtreffende trap · Meervoud · Alle geslachten · Nominatiefincapabelst
Overtreffende trap · Meervoud · Alle geslachten · Accusatiefincapabelst
Overtreffende trap · Meervoud · Alle geslachten · Datiefincapabelsten
Overtreffende trap · Meervoud · Alle geslachten · Genitiefincapabelster
Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • incapabel
  • incapabel sinn ze
  • incapabelem
  • incapabelen
  • incapabeler
  • incapabelst
  • incapabelstem
  • incapabelsten
  • incapabelster
  • incapabelt

Voorbeeldzinnen

  1. hien ass incapabel , d'Leit riicht an d'Aen ze kucken

    Betekenis 1: niet in staat zijn (om)

  2. du mengs sécher, hei géifen nëmmen incapabel Leit schaffen!

    Betekenis 2: onbekwaam; incompetent

Bron: ZLS / LOD · juli 2026 · CC0

→