Lëtzebuergesch
- English
- Holy Week
- Français
- semaine sainte
- Deutsch
- Karwoche
- Woordsoort
- SUBST F
- Meervoud
- Karwochen
[kaːʀvˈoχ]
Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.
an der Karwoch ginn d'Kanner klibberen
Betekenis: Stille Week; Goede Week