konjugéierbar

Lëtzebuergesch
English
Français
Deutsch
Woordsoort
ADJ

Gebruiksnotities

Bijvoeglijke naamwoordsvormen

Bijvoeglijke naamwoordsvormen →
Bijvoeglijke naamwoordsvormenLëtzebuergesch
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Nominatiefkonjugéierbaren
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Accusatiefkonjugéierbaren
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Datiefkonjugéierbaren
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Genitiefkonjugéierbaren
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Nominatiefkonjugéierbar
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Accusatiefkonjugéierbar
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Datiefkonjugéierbarer
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Genitiefkonjugéierbarer
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Nominatiefkonjugéierbaart
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Accusatiefkonjugéierbaart
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Datiefkonjugéierbaren
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Genitiefkonjugéierbaren
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Nominatiefkonjugéierbar
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Accusatiefkonjugéierbar
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Datiefkonjugéierbaren
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Genitiefkonjugéierbarer
Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • konjugéierbaart
  • konjugéierbar
  • konjugéierbarem
  • konjugéierbaren
  • konjugéierbarer

→