léif

Lëtzebuergesch
English
lovely; dear
Français
charmant; cher
Deutsch
lieb
Woordsoort
ADJ

Uitspraak (IPA)

[lɜɪf]

Betekenissen en vertalingen

Betekenis 1

Deutsch
lieb; nett; liebenswürdig (Person)
Français
gentil; aimable (personne)
English
nice; lovely (person)
Português
gentil; amável (pessoa)
Nederlands
lief; vriendelijk (persoon)

Betekenis 2

Deutsch
süß; hübsch; niedlich
Français
mignon; joli petit
English
cute; sweet
Português
lindo; giro; engraçado
Nederlands
schattig; snoezig

Betekenis 3

Deutsch
lieb; nett (Verhalten)
Français
gentil; aimable; charmant; gentiment, aimablement (acte, geste)
English
kind; nice; nicely
Português
gentil; amável; gentilmente, amavelmente (ato, gesto)
Nederlands
lief; aardig (gedrag)

Betekenis 4

Deutsch
nett sein zu
Français
être gentil avec; être aimable avec
Português
ser gentil com; ser amável com

Betekenis 5

Deutsch
lieb (sehr geehrt)
Français
cher (très honorable)
English
dear (esteemed)
Português
caro (excelentíssimo)
Nederlands
lief (geacht)

Gebruiksnotities

Bijvoeglijke naamwoordsvormen

Bijvoeglijke naamwoordsvormen →
Bijvoeglijke naamwoordsvormenLëtzebuergesch
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Nominatiefléiwen
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Accusatiefléiwen
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Datiefléiwen
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Genitiefléiwen
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Nominatiefléif
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Accusatiefléif
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Datiefléiwer
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Genitiefléiwer
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Nominatiefléift
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Accusatiefléift
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Datiefléiwen
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Genitiefléiwen
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Nominatiefléif
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Accusatiefléif
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Datiefléiwen
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Genitiefléiwer
Overtreffende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Nominatiefléifsten
Overtreffende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Accusatiefléifsten
Overtreffende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Datiefléifsten
Overtreffende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Genitiefléifsten
Overtreffende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Nominatiefléifst
Overtreffende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Accusatiefléifst
Overtreffende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Datiefléifster
Overtreffende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Genitiefléifster
Overtreffende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Nominatiefléifst
Overtreffende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Accusatiefléifst
Overtreffende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Datiefléifsten
Overtreffende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Genitiefléifsten
Overtreffende trap · Meervoud · Alle geslachten · Nominatiefléifst
Overtreffende trap · Meervoud · Alle geslachten · Accusatiefléifst
Overtreffende trap · Meervoud · Alle geslachten · Datiefléifsten
Overtreffende trap · Meervoud · Alle geslachten · Genitiefléifster
Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • léif
  • léif si mat
  • léifst
  • léifstem
  • léifsten
  • léifster
  • léift
  • léiwem
  • léiwen
  • léiwer

Voorbeeldzinnen

  1. seng nei Frëndin ass emol eng léif Fra!

    Betekenis 1: lief; vriendelijk

  2. meng Enkelin ass e léift Meedchen, et ass ëmmer hëllefsbereet

    Betekenis 1: lief; vriendelijk

  3. wat hat dat Klengt awer e léiwe Räckelchen un

    Betekenis 2: schattig; snoezig

  4. d'Kanner si begeeschtert vum Noper sengem léiwe klenge Mippchen

    Betekenis 2: schattig; snoezig

  5. dat ass léif vun Iech!

    Betekenis 3: lief; aardig

  6. ech wollt iech Merci soe fir déi léif Kaart, déi der mer fir d'Hochzäit geschéckt hutt

    Betekenis 3: lief; aardig

  7. wann s de hie ganz léif frees, seet e vläicht jo

    Betekenis 3: lief; aardig

  8. wann dee léiwe Beschass net wier!

    IRON

    Betekenis 3: lief; aardig

  9. si hunn hir léif Méi mat hirem neien Hond

    spreektaal

    Betekenis 3: lief; aardig

  10. sief dach léif mat denger Schwëster!

  11. léif Invitéen, ech begréissen Iech ganz häerzlech bei dëser Ausstellung!

    Betekenis 5: lief

  12. mäi léiwe Mann, heibäi kann ech Iech leider net weiderhëllefen

    Betekenis 5: lief

  13. mäi léiwe Jong!

    IRON

    Betekenis 5: lief

Bron: ZLS / LOD · juli 2026 · CC0

→