Merite

Lëtzebuergesch
English
merit [right to respect, esteem]; accomplishment
Français
mérite [droit à de l'estime]; mérite [qualité, accomplissement]
Deutsch
Verdienste [Anspruch auf Anerkennung]; Verdienst [(gute) Eigenschaft, Leistung]
Woordsoort
SUBST M
Meervoud
Meritten; Meritter

Uitspraak (IPA)

[meʀˈit]

Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • Merite
  • Meritten
  • Meritter

→