Nationalsprooch

Lëtzebuergesch
English
Français
Deutsch
Woordsoort
SUBST F
Meervoud
Nationalsproochen

Uitspraak (IPA)

[nɑtsi̯onˈaːlʃpʀoːχ]

Gebruiksnotities

Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • Nationalsprooch
  • Nationalsproochen

→