Normalitéit

Lëtzebuergesch
English
Français
normalité
Deutsch
Normalität
Woordsoort
SUBST F

Uitspraak (IPA)

[nɔʀmaːlitˈɜɪt]

Betekenissen en vertalingen

Betekenis 1

Deutsch
Normalität
Français
normalité
Português
normalidade
Nederlands
normaliteit; normale gang van zaken
Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • Normalitéit

Voorbeeldzinnen

  1. datt se all Dag am Stau stinn, ass fir vill Frontalieren zur Normalitéit ginn

    Betekenis: normaliteit; normale gang van zaken

  2. duerch den Deconfinement soll erëm lues a lues eng gewëssen Normalitéit opkommen

    Betekenis: normaliteit; normale gang van zaken

Bron: ZLS / LOD · juli 2026 · CC0

→