onroueg

Lëtzebuergesch
English
restless; worried; fitful
Français
turbulent; soucieux; troublé
Deutsch
unruhig
Woordsoort
ADJ
Synoniem
wibbeleg; opgedréit

Uitspraak (IPA)

[ˈonʀəʊəɕ]

Betekenissen en vertalingen

Betekenis 1

Deutsch
unruhig (aufgedreht)
Français
remuant; turbulent
English
restless (fidgety)
Português
irrequieto (buliçoso, turbulento)
Nederlands
onrustig (opgewonden, druk)

Synoniemen

opgedréit · wibbeleg

Betekenis 2

Deutsch
unruhig (besorgt, beunruhigt)
Français
inquiet; soucieux
English
anxious; worried
Português
irrequieto (inquieto, ansioso)
Nederlands
ongerust (bezorgd)

Betekenis 3

Deutsch
unruhig (bewegt, gestört)
Français
agité; troublé
English
unrestful; fitful; fitfully
Português
agitado; perturbado
Nederlands
onrustig (roerig)

Gebruiksnotities

Bijvoeglijke naamwoordsvormen

Bijvoeglijke naamwoordsvormen →
Bijvoeglijke naamwoordsvormenLëtzebuergesch
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Nominatiefonrouegen
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Accusatiefonrouegen
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Datiefonrouegen
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Genitiefonrouegen
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Nominatiefonroueg
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Accusatiefonroueg
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Datiefonroueger
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Genitiefonroueger
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Nominatiefonrouegt
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Accusatiefonrouegt
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Datiefonrouegen
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Genitiefonrouegen
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Nominatiefonroueg
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Accusatiefonroueg
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Datiefonrouegen
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Genitiefonroueger
Overtreffende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Nominatiefonrouegsten
Overtreffende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Accusatiefonrouegsten
Overtreffende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Datiefonrouegsten
Overtreffende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Genitiefonrouegsten
Overtreffende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Nominatiefonrouegst
Overtreffende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Accusatiefonrouegst
Overtreffende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Datiefonrouegster
Overtreffende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Genitiefonrouegster
Overtreffende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Nominatiefonrouegst
Overtreffende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Accusatiefonrouegst
Overtreffende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Datiefonrouegsten
Overtreffende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Genitiefonrouegsten
Overtreffende trap · Meervoud · Alle geslachten · Nominatiefonrouegst
Overtreffende trap · Meervoud · Alle geslachten · Accusatiefonrouegst
Overtreffende trap · Meervoud · Alle geslachten · Datiefonrouegsten
Overtreffende trap · Meervoud · Alle geslachten · Genitiefonrouegster
Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • onroueg
  • onrouegem
  • onrouegen
  • onroueger
  • onrouegst
  • onrouegstem
  • onrouegsten
  • onrouegster
  • onrouegt

Voorbeeldzinnen

  1. d'Kanner waren haut ganz onroueg an der Schoul

    Betekenis 1: onrustig

  2. ech sinn onroueg , well ech nach ëmmer kee Resultat vu mengem Exame kritt hunn

    Betekenis 2: ongerust

  3. eis Nopesch gëtt ëmmer schrecklech onroueg , wann hir Kanner nach owes spéit ënnerwee sinn

    Betekenis 2: ongerust

  4. d'Beruffspompjeeën haten haut eng onroueg Nuecht

    Betekenis 3: onrustig

  5. de Patient huet en zimmlech onrouege Schlof

    Betekenis 3: onrustig

  6. ech hunn dës Nuecht onroueg geschlof

    Betekenis 3: onrustig

Bron: ZLS / LOD · juli 2026 · CC0

→