sproochlech

Lëtzebuergesch
English
linguistic
Français
langagier
Deutsch
sprachlich
Woordsoort
ADJ

Uitspraak (IPA)

[ʃpʀˈoːχləɕ]

Betekenissen en vertalingen

Betekenis 1

Deutsch
sprachlich
Français
linguistique; langagier; linguistiquement
English
language; linguistic; linguistically
Português
linguístico; linguisticamente (relativo à língua)
Nederlands
van de taal; op taalgebied; taal-

Bijvoeglijke naamwoordsvormen

Bijvoeglijke naamwoordsvormen →
Bijvoeglijke naamwoordsvormenLëtzebuergesch
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Nominatiefsproochlechen
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Accusatiefsproochlechen
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Datiefsproochlechen
Stellende trap · Enkelvoud · Mannelijk · Genitiefsproochlechen
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Nominatiefsproochlech
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Accusatiefsproochlech
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Datiefsproochlecher
Stellende trap · Enkelvoud · Vrouwelijk · Genitiefsproochlecher
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Nominatiefsproochlecht
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Accusatiefsproochlecht
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Datiefsproochlechen
Stellende trap · Enkelvoud · Onzijdig · Genitiefsproochlechen
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Nominatiefsproochlech
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Accusatiefsproochlech
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Datiefsproochlechen
Stellende trap · Meervoud · Alle geslachten · Genitiefsproochlecher
Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • sproochlech
  • sproochlechem
  • sproochlechen
  • sproochlecher
  • sproochlecht

Voorbeeldzinnen

  1. an Europa gëtt et vill sproochlech Barriären

    Betekenis: van de taal; op taalgebied; taal-

  2. d'Nohëllefsstonne sollen dem Schüler hëllefen, seng sproochlech Schwieregkeeten am Franséischen ze iwwerwannen

    Betekenis: van de taal; op taalgebied; taal-

  3. den Aufsatz ass inhaltlech interessant, mee sproochlech happert et nach

    Betekenis: van de taal; op taalgebied; taal-

Bron: ZLS / LOD · juli 2026 · CC0

→