Zap

Lëtzebuergesch
English
cone [of a conifer]
Français
pomme (de pin)
Deutsch
Zapfen [eines Nadelbaumes]
Woordsoort
SUBST M
Meervoud
Zapen; Zäpp

Uitspraak (IPA)

[tsaːp]

Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • Zap
  • Zapen

→