futtifueren

Lëtzebuergesch
English
to snap; to break down
Français
se casser; tomber en panne
Deutsch
entzweigehen; eine Panne haben
Woordsoort
VRB
Synoniem
duerchfueren; futtigoen
Hulpwerkwoord
sinn
Voltooid deelwoord
futtigefuer

Uitspraak (IPA)

[fˈutiːfuːɐ̯ʀən]

Betekenissen en vertalingen

Betekenis 1

Deutsch
reißen; entzweigehen
Français
se rompre; se casser
English
to break (apart); to snap
Português
romper-se; partir-se
Nederlands
kapotgaan; stukgaan

Synoniemen

duerchfueren · futtigoen

Betekenis 2

Deutsch
ausfallen; eine Panne haben
Français
tomber en panne
English
to break down (to stop working)
Português
avariar
Nederlands
het begeven (een storing hebben)

Synoniemen

futtigoen

Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • futti
  • futtifiert
  • futtifueren
  • futtigefuer
  • futtizefueren

Voorbeeldzinnen

  1. d'Kand huet esou un der Pärelskette gerappt, datt se futtigefuer ass

    Betekenis 1: kapotgaan; stukgaan

  2. zéi roueg fest um Seel, et fiert net futti !

    Betekenis 1: kapotgaan; stukgaan

  3. matzen am Wanter ass eis Heizung futtigefuer !

    Betekenis 2: het begeven

Werkwoordvervoeging

Infinitief
futtifueren
Voltooid deelwoord
futtigefuer
Hulpwerkwoord
sinn
Aantonende wijs · Tegenwoordige tijd
hien / hatt / si
fiert futti
si
fuere futti
Aantonende wijs · Voltooid tegenwoordige tijd
hien / hatt / si
ass futtigefuer
si
si futtigefuer
Aantonende wijs · Voltooid verleden tijd
hien / hatt / si
war futtigefuer
si
ware futtigefuer
Voorwaardelijke wijs · Tegenwoordige tijd
hien / hatt / si
géif / géing futtifueren
si
géifen / géinge futtifueren
Voorwaardelijke wijs · Verleden tijd
hien / hatt / si
wier futtigefuer
si
wiere futtigefuer

Bron: ZLS / LOD · juli 2026 · CC0

→