operstoen

Lëtzebuergesch
English
to rise (from the dead)
Français
ressusciter (des morts)
Deutsch
(von den Toten) auferstehen
Woordsoort
VRB
Hulpwerkwoord
sinn
Voltooid deelwoord
operstanen; operstan

Uitspraak (IPA)

[ˈoːpɐʃtoːən]

Betekenissen en vertalingen

Betekenis 1

Deutsch
(von den Toten) auferstehen
Français
ressusciter (des morts)
English
to rise (from the dead)
Português
ressuscitar (dos mortos)
Nederlands
verrijzen; opstaan (uit de doden)

Gebruiksnotities

Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • (vun den Doudegen) operstoen
  • operstan
  • operstanen
  • operstees
  • opersteet
  • operstéi
  • operstéing
  • operstéingen
  • operstéings
  • operstéingt
  • opersti
  • operstinn
  • operstitt
  • operstoen
  • operstoung
  • operstoungen
  • operstoungs
  • operstoungt

Voorbeeldzinnen

  1. Christus ass vun den Doudegen operstanen

    Betekenis: verrijzen; opstaan

Werkwoordvervoeging

Infinitief
operstoen
Voltooid deelwoord
operstanen / operstan
Hulpwerkwoord
sinn
Aantonende wijs · Tegenwoordige tijd
ech
erstinn op / operstinn
du
erstees op / operstees
hien / hatt / si
ersteet op / opersteet
mir
erstinn op / operstinn
dir
erstitt op / operstitt
si
erstinn op / operstinn
Aantonende wijs · Onvoltooid verleden tijd
ech
erstoung op / operstoung
du
erstoungs op / operstoungs
hien / hatt / si
erstoung op / operstoung
mir
erstoungen op / operstoungen
dir
erstoungt op / operstoungt
si
erstoungen op / operstoungen
Aantonende wijs · Voltooid tegenwoordige tijd
ech
sinn operstanen / operstan
du
bass operstanen / operstan
hien / hatt / si
ass operstanen / operstan
mir
sinn operstanen / operstan
dir
sidd operstanen / operstan
si
sinn operstanen / operstan
Aantonende wijs · Voltooid verleden tijd
ech
war operstanen / operstan
du
waars operstanen / operstan
hien / hatt / si
war operstanen / operstan
mir
waren operstanen / operstan
dir
waart operstanen / operstan
si
waren operstanen / operstan
Voorwaardelijke wijs · presentSimple
ech
erstéing op / operstéing
du
erstéings op / operstéings
hien / hatt / si
erstéing op / operstéing
mir
erstéingen op / operstéingen
dir
erstéingt op / operstéingt
si
erstéingen op / operstéingen
Voorwaardelijke wijs · Tegenwoordige tijd
ech
géif / géing operstoen
du
géifs / géings operstoen
hien / hatt / si
géif / géing operstoen
mir
géifen / géingen operstoen
dir
géift / géingt operstoen
si
géifen / géingen operstoen
Voorwaardelijke wijs · Verleden tijd
ech
wier operstanen / operstan
du
wiers operstanen / operstan
hien / hatt / si
wier operstanen / operstan
mir
wieren operstanen / operstan
dir
wiert operstanen / operstan
si
wieren operstanen / operstan
Gebiedende wijs · Tegenwoordige tijd
du
erstéi op / operstéi!
dir
erstitt op / operstitt!

Bron: ZLS / LOD · juli 2026 · CC0

→