Rendez-vous

Lëtzebuergesch
English
rendezvous; appointment [for a consultation]; date [romantic meeting]
Français
rendez-vous [rencontre arrangée]; rendez-vous [professionnel]; rendez-vous [rencontre amoureuse]
Deutsch
Verabredung; Termin [Abmachung]; Date
Woordsoort
SUBST M
Meervoud
Rendez-vousen

Uitspraak (IPA)

[ʀɑ̃ːdeːvˈuː]

Betekenissen en vertalingen

Betekenis 1

Deutsch
Verabredung
Français
rendez-vous (rencontre arrangée)
English
rendezvous
Português
encontro (reunião combinada)
Nederlands
afspraak

Betekenis 2

Deutsch
Termin (Abmachung)
Français
rendez-vous (professionnel)
English
appointment (for a consultation)
Português
consulta (marcada); encontro (profissional)
Nederlands
afspraak (voor een consult)

Betekenis 3

Deutsch
Treffen; Date
Français
rendez-vous (rencontre amoureuse)
English
date (romantic meeting)
Português
encontro (amoroso)
Nederlands
afspraak(je); date
Spellingvarianten

Alleen door de bron gecontroleerde varianten worden voorgesteld.

  • Rendez-vous
  • Rendez-vousen

Voorbeeldzinnen

  1. has de eise Rendez-vous vergiess?

    Betekenis 1: afspraak

  2. ech hu Rendez-vous mat mengem Papp virun der Gare

    Betekenis 1: afspraak

  3. ech hu muer Rendez-vous beim Zänndokter

    Betekenis 2: afspraak

  4. bei villen Doktere muss ee fir e Rendez-vous , deen ee vergiess huet, awer bezuelen

    Betekenis 2: afspraak

  5. eisen Hausdokter schafft nëmmen op Rendez-vous

    Betekenis 2: afspraak

  6. beim éischte Rendez-vous wousste mer schonn, datt mer firenee bestëmmt waren

    Betekenis 3: afspraak(je); date

  7. mäi Rendez-vous ass gëschter net opgetaucht

    Betekenis 3: afspraak(je); date

Bron: ZLS / LOD · juli 2026 · CC0

→